Je bent wie je bent, toch?

De afgelopen weken was het onderwerp orgaantransplantatie veel in het nieuws. Niet ten onrechte, het is tenslotte een belangrijk maar ook wel enigszins beladen onderwerp. Ik ben al jaren orgaandonor, en dat vind ik heel normaal. Maar ik kan me ook goed voorstellen dat iemand redenen heeft om geen donor te willen zijn. Even goede vrienden. En mocht juist zo iemand toch een orgaan nodig zou hebben dan kunnen ze dat ook van mij krijgen. Na mijn eigen dood dan wel.

Bij die hele discussie had ik eigenlijk heel andere gedachten die mij meer bezighouden. En dat komt door de vraag: Wat maakt je wie je bent?

Een gedachtenexperiment om mee te beginnen. Stel dat je een niertransplantatie ondergaat. Dan ligt het voor de hand om toch nog steeds te denken dat je dezelfde persoon bent gebleven. Maar vervolgens worden je hart, een deel van je huid…en ga zo maar door getransplanteerd. Uiteindelijk is alles van je lichaam voor 100% getransplanteerd. Ben je dan nog steeds die oorspronkelijke persoon? En zo nee, wanneer is dan het moment dat je die oorspronkelijke persoon niet meer bent? Is dat plotsklaps, op een moment, of gaat dat geleidelijk? Of ligt het aan een orgaan, bijvoorbeeld je hersenen? Als die worden getransplanteerd (zodra dat mogelijk wordt natuurlijk), ben je op dat moment een ander persoon geworden? En wie dan? Degene van wie de hersenen oorspronkelijk waren?

Het is natuurlijk maar een gedachte, op dit moment. Maar de tijd is niet ver meer dat we heel veel onderdelen van ons lichaam kunnen transplanteren. En erger nog, dat de nieuwe onderdelen niet uit een ander mens komen, maar uit een machine. Daarover doordenken geeft helemaal een ingewikkeld beeld. En dan zijn er ook nog eens mensen die de mening zijn toegedaan dat ergens ook nog een ziel aanwezig is. Ik zou maar oppassen met al dat transplanteren..